A. Mode en interieur
Verantwoording Mode en design
Kolommen
Exporteer
| ⋮⋮Les | ⋮⋮Onderwijsdoelen | ⋮⋮Leerdoelen | ⋮⋮Begrippen | ⋮⋮Portfolio-opdracht |
|---|---|---|---|---|
1. Toen en nu |
K/EO/08/01-01 — De kandidaat kan stijlen en trends herkennen, bijvoorbeeld op het gebied van wonen en kleding |
Ik kan stijlen en trends van mode en wonen uit de historie herkennen.
Ik kan stijlen en trends van mode en wonen uit de 20e eeuw herkennen.
Ik kan stijlen en trends van mode en wonen plaatsen in een tijdsperiode. |
Stijl
Draperen
Trend
Interieur
Pasvorm
Dessin
Pastelkleur
Accessoire |
Trends 2026 |
2. Kleur bekennen |
K/EO/08/01-02 — De kandidaat kan beeldaspecten, vormgevingsprincipes en kleurenleer toepassen |
Ik kan uitleggen wat primaire, secundaire en tertiaire kleuren zijn.
Ik kan het verschil tussen warme en koude kleuren uitleggen.
Ik herken complementaire kleuren. |
Warme kleuren
Koude kleuren
Primaire kleuren
Secundaire kleuren
Complementaire kleuren
Tertiaire kleuren |
|
3. Vormgeving |
K/EO/08/01-02 — De kandidaat kan beeldaspecten, vormgevingsprincipes en kleurenleer toepassen |
Ik kan geometrische vormen herkennen en benoemen.
Ik kan stereometrische vormen herkennen en benoemen.
Ik kan open en gesloten vormen herkennen en benoemen.
Ik kan 2D en 3D vormen herkennen en benoemen. |
Geometrisch
Stereometrisch
Organisch
Driedimensionaal
Tweedimensionaal
Gesloten vorm
Open vorm |
Werken met vormen |
Maken: Mode |
||||
Maken: Interieur |
Accessoire
Interieur |
|||
Doen: Presenteren |
Interieur |
|||
B. Van vezel tot stof | ||||
1. Kleding |
K/EO/08/01-05 — De kandidaat kan producten en materialen herkennen en toepassen |
Ik kan het verschil uitleggen tussen natuurlijke en kunstmatige stoffen.
Ik kan textiellabels herkennen en de symbolen uitleggen. |
Natuurlijke vezels
Kunstmatige vezels |
|
2. Grondstof |
K/EO/08/01-05 — De kandidaat kan producten en materialen herkennen en toepassen |
Ik kan de grondstoffen van natuurlijke stoffen herkennen en benoemen.
Ik kan de oorsprong van kunstmatige stoffen herkennen en benoemen. |
Katoen
Linnen
Wol
Brandnetel
Bamboe
Hennep |
Infographic grondstoffen |
3. Productie |
K/EO/08/01 — Werkzaamheden binnen mode en design uitvoeren ten aanzien van ontwerpen |
Ik kan het verschil uitleggen tussen gebreide, gewoven en non-woven stoffen.
Ik kan beschrijven wat de eigenschappen zijn van natuurlijke en kunstmatige stoffen. |
Breien
Weven
Non-woven
Polyester
Blend
Katoen
Wol
Zijde
Nylon
Acryl |
|
Denken: Circulair |
Fast fashion
Katoen
Trend
Naaimachine |
|||
Maken: Upcycle jeanstas |
Tornmesje
Katoen
Naaimachine |
|||
Maken: Je eigen label |
Accessoire |
|||
C. Vakmanschap | ||||
1. Omgaan met machines |
K/EO/08/02-01 — De kandidaat kan technieken toepassen, bijvoorbeeld timmeren, lijmen, naaien, zagen, knippen
K/EO/08/02-02 — De kandidaat kan apparatuur bedienen, bijvoorbeeld tacker, lockmachine, naaimachine, strijkbout |
Ik kan veilig werken met een tacker.
Ik kan veilig werken met een naaimachine.
Ik kan de boven- en onderdraad van een naaimachine inrijgen.
Ik kan minimaal een rechte en een zigzaglijn maken met de naaimachine en zo een eenvoudig proeflapje maken. |
Naaimachine
Lockmachine
Tacker |
Handleiding tacker |
2. Technieken |
K/EO/08/02-01 — De kandidaat kan technieken toepassen, bijvoorbeeld timmeren, lijmen, naaien, zagen, knippen |
Ik kan omgaan met de materialen en technieken die ik nodig heb om te werken met de naaimachine.
Ik kan een eenvoudig object maken van textiel op een naai- of lockmachine. |
Haute couture
High fashion
Ambachtelijk
Confectiekleding
Fast fashion
Tornmesje
Kleermakerskrijt
Draadinsteker
Spoeltje |
Wattenschijfjes |
3. Pasvorm |
K/EO/08/02-02 — De kandidaat kan apparatuur bedienen, bijvoorbeeld tacker, lockmachine, naaimachine, strijkbout |
Ik kan mouleren volgens een eigen ontwerp.
Ik kan strijkwerkzaamheden uitvoeren door het juiste gebruik van een strijkijzer.
Ik kan een eenvoudig object maken van textiel op een naai- of lockmachine. |
Mouleren
Strijkijzer
Persen |
Mouleren op een paspop
Speldenkussen maken |
Doen: Dessin ontwerpen |
Dessin
Interieur |
|||
Maken: Kussen |
Zijde
Dessin
Strijkijzer
Katoen
Naaimachine |
|||
Doen: Paneel bespannen |
Zijde
Dessin
Tacker |
|||
D. Meesterschap | ||||
1. Welke stijl? |
K/EO/08/01-01 — De kandidaat kan stijlen en trends herkennen, bijvoorbeeld op het gebied van wonen en kleding |
Ik kan de volgende modestijlen herkennen en toelichten: klassiek, casual, romantisch, trendy en urban.
Ik kan de volgende interieurstijlen herkennen en toelichten: industrieel, landelijk, klassiek, modern en eclectisch. |
Stijl
Modetrend
Trendwatcher
Stijltype
Interieur
Klassiek
Industrieel interieur
Landelijk interieur
Eclectisch interieur |
|
2. Onderzoek |
K/EO/08/01-03 — De kandidaat kan research uitvoeren, bijvoorbeeld op grond van een stijl, trend, thema, kleurcombinatie |
Ik kan het verschil uitleggen tussen een personal shopper en een kledingstylist.
Ik kan de wensen van een opdrachtgever analyseren en verwerken in een passend advies op het gebied van mode of interieur. |
Trend
Personal shopper
Kledingstylist |
Kledingadvies
Interieuradvies |
3. De stylingmap |
K/EO/08/01-04 — De kandidaat kan een stylingmap samenstellen |
Ik kan voor een opdrachtgever een stylingmap maken over mode of interieur.
Ik kan een stylingmap over mode of interieur op een creatieve manier presenteren. |
Stylingmap
Trend |
|
Maken: Moodboard Mode |
K/EO/08/01-04 — De kandidaat kan een stylingmap samenstellen |
Ik kan voor een opdrachtgever een stylingmap samenstellen op het gebied van mode.
Ik kan een moodboard over mode op een creatieve manier presenteren. |
Stijl
Modetrend
Stylingmap
Accessoire
Trend
Interieur |
|
Maken: Moodboard Interieur |
K/EO/08/01-04 — De kandidaat kan een stylingmap samenstellen |
Ik kan voor een opdrachtgever een stylingmap samenstellen over interieur.
Ik kan een moodboard over interieur op een creatieve manier presenteren. |
Stijl
Stylingmap
Trend
Interieur |
|
Doen: Meesterproef in een vlog |
Stylingmap |
|||
Extra | ||||
LOB: Mode en design |
Stijl
Modetrend
Confectiekleding
Accessoire
Trend
Interieur |
|||