A. Het werk
Verantwoording Geüniformeerde Dienstverlening en Veiligheid
Kolommen
Exporteer
| ⋮⋮Les | ⋮⋮Onderwijsdoelen | ⋮⋮Leerdoelen | ⋮⋮Begrippen | ⋮⋮Portfolio-opdracht |
|---|---|---|---|---|
1. Beroepen |
K/DP/06/04-01 — De kandidaat kan de taken, bevoegdheden, verschillen en overeenkomsten herkennen en benoemen tussen de vier beroepsgroepen in de veiligheidsbranches
K/DP/06/04-02 — De kandidaat kan veiligheidsberoepen in het veiligheidsnetwerk herkennen |
Ik kan verschillende beroepen in de veiligheidsbranche benoemen.
Ik kan de verschillen en overeenkomsten van de vier beroepsgroepen herkennen en toelichten.
Ik kan de verschillen in bevoegdheden tussen de verschillende beroepen uitleggen. |
Particuliere beveiliging
Defensie
Politie
Handhaving en toezicht
Vaardigheid |
|
2. Beroepshouding |
K/DP/06/01-01 — De kandidaat kan het belang van mentale en fysieke weerbaarheid benoemen voor de beroepen in de veiligheidsbranche |
Ik kan uitleggen dat de veiligheidsberoepen belangrijke eisen stellen aan je beroepshouding.
Ik kan de kwaliteiten integer, betrouwbaar en verbinding uitleggen in relatie tot de veiligheidsberoepen.
Ik kan werken met een portofoon en kan de etherdiscipline toepassen. |
Gedragscode
Beroepscode
Eed
Belofte
Integer
Betrouwbaar
Moedig
Portofoon
Verbindend zijn |
Portofoon |
3. Gedrag |
K/DP/06/03-04 — De kandidaat kan in een gesimuleerde omgeving met emoties van anderen omgaan en de juiste omgangsvorm kiezen (luisterend optreden, geweldloos communiceren, de-escaleren, doelgericht communiceren)
K/DP/06/03-05 — De kandidaat kan dilemma's in de veiligheidsbranche herkennen en benoemen en op adequate wijze omgaan met dilemma's (niet oordelend handelen, omgaan met tegenstrijdige belangen) |
Ik kan huisregels bedenken en uitleggen waarmee veiligheid gecreëerd wordt.
Ik kan met de emoties (agressie) van anderen omgaan en kiezen voor de juiste omgangsvorm (rustig blijven en de-escaleren).
Ik kan de vier stappen van de-escalerend optreden benoemen en hanteren in dreigende situaties. |
De-escaleren
A-gedrag
B-gedrag
C-gedrag
D-gedrag |
Maak je eigen huisregels |
Denken: Mag het wel of niet? |
K/DP/06/04-01 — De kandidaat kan de taken, bevoegdheden, verschillen en overeenkomsten herkennen en benoemen tussen de vier beroepsgroepen in de veiligheidsbranches |
Fraude
BOA
Signaleren
Feit
Politie |
||
Maken: Signalement |
K/DP/06/02-02 — De kandidaat kan signalementen opnemen en herkennen |
Ik kan signalementen opnemen en herkennen. |
Signaleren |
|
Doen: NATO-alfabet met portofoon |
K/DP/06/03-06 — De kandidaat kan professionele hulpmiddelen herkennen en in simulatie gebruiken (denk aan: gebruik portofoon en megafoon en het toepassen van het NATO-alfabet) |
Portofoon |
||
B. Actief | ||||
1. Fit zijn |
K/DP/06/01-01 — De kandidaat kan het belang van mentale en fysieke weerbaarheid benoemen voor de beroepen in de veiligheidsbranche |
Ik kan uitleggen waarom je fitheid wordt getest bij alle veiligheidsberoepen.
Ik kan benoemen waarom er verschil is in fitheids-eisen bij de verschillende veiligheidsberoepen
Ik begrijp wat mentale weerbaarheid betekent.
Ik kan uitleggen waarom mentale weerbaarheid in veiligheidsberoepen belangrijk is. |
FVT
Uithoudingsvermogen |
|
2. Kom bij de politie |
K/DP/06/01-02 — De kandidaat kan de elementen van een fysieke vaardigheidstoets benoemen, het parcours uitzetten en op de juiste manier uitvoeren |
Ik kan de elementen van de fysieke vaardigheidstoets benoemen.
Ik weet wat ik kan verwachten van de fysieke vaardigheidstoets.
Ik weet wat ik kan doen om me voor te bereiden op de fysieke vaardigheidstoets. |
Fraude
Corruptie
Conditie
Rang
Brigadier |
Conditie vaststellen |
3. Zwemmend redden |
K/DP/06/01-06 — De kandidaat kan de meest voorkomende waterongevallen benoemen, de principes van het zwemmend redden uitleggen en deze in een simulatie toepassen |
Ik kan de meest voorkomende waterongevallen benoemen.
Ik kan uitleggen hoe ik kan handelen bij de meest voorkomende waterongevallen.
Ik kan tips geven om de meest voorkomende waterongevallen te voorkomen.
Ik kan drie grepen van zwemmend redden voordoen, uitleggen en toepassen: kopgreep, okselgreep en de zeemansgreep. |
Onderkoeld
Droge redding
Natte redding
Kopgreep
Okselgreep
Zeemansgreep |
|
Maken: Een eigen parcours |
K/DP/06/01-03 — De kandidaat kan ten behoeve van het uithoudingsvermogen een bepaald parcours binnen de daarvoor gestelde norm voor de verschillende mbo veiligheidsopleidingen uitvoeren
K/DP/06/01-04 — De kandidaat kan een hindernisbaan, survival parcours of stormbaan afleggen en daarbij adequaat omgaan met risico's voor jezelf en anderen
K/DP/06/01-05 — De kandidaat kan in verschillende gesimuleerde situaties en aan de hand van instructies zich ordelijk verplaatsen, individueel of in een groep |
Ik kan een hindernisbaan, survivalparcours of stormbaan afleggen en daarbij adequaat omgaan met risico's voor mezelf en voor anderen.
Ik kan me individueel of in de groep, aan de hand van instructies ordelijk verplaatsen tijdens de gesimuleerde situaties. |
Hindernisbaan
Survivalparcours
Stormbaan |
|
Maken: FVT opzetten en uitvoeren |
K/DP/06/01-02 — De kandidaat kan de elementen van een fysieke vaardigheidstoets benoemen, het parcours uitzetten en op de juiste manier uitvoeren |
Ik kan de onderdelen van de FVT benoemen en het parcours uitzetten.
Ik kan een bepaald parcours (de vrije rondes met hindernissen) op de juiste manier en binnen de daarvoor vastgestelde tijd uitvoeren. |
FVT
Vaardigheid
Conditie
Politie |
|
Doen: Lego bouwen |
K/DP/06/03-06 — De kandidaat kan professionele hulpmiddelen herkennen en in simulatie gebruiken (denk aan: gebruik portofoon en megafoon en het toepassen van het NATO-alfabet) |
Ik kan een portofoon gebruiken. |
Over
Over en uit
Begrepen
Correct
Wacht
Over en sluiten
Alle stations
Herhaal bericht |
|
C. Veiligheid | ||||
1. Op straat |
K/DP/06/02-01 — De kandidaat kan een situatie observeren en afwijkingen in een fysieke omgeving en/of gedrag herkennen
K/DP/06/02-02 — De kandidaat kan signalementen opnemen en herkennen
K/DP/06/02-03 — De kandidaat kan afwijkingen in een fysieke omgeving en/of gedrag registreren en hierover communiceren |
Ik kan de begrippen signaleren en observeren toelichten.
Ik kan signaleren en observeren in een situatie door goed te kijken en objectief te blijven.
Ik kan tijdens het signaleren en observeren opvallende afwijkingen in een fysieke omgeving of gedrag herkennen, deze beschrijven en toelichten. |
Observeren
Signaleren
Subjectief
Vooroordeel
Objectief
Open vragen
Gesloten vragen
Feit
Mening
Strafbaar feit |
Observeren en signaleren in de aula |
2. In het verkeer |
K/DP/06/02-01 — De kandidaat kan een situatie observeren en afwijkingen in een fysieke omgeving en/of gedrag herkennen |
Ik kan afwijkingen met betrekking tot veiligheid in een omgeving herkennen en registreren.
Ik kan een veilige situatie creëren voor mezelf en mijn omgeving door tips te geven over hoe situaties veiliger kunnen zijn. |
Onveilige situaties |
|
3. In gebouwen |
K/DP/06/04-03 — De kandidaat kan voor verschillende risicovolle situaties een beveiligingsdienst selecteren (woonsituaties, publieke ruimten, zakelijke dienstverlening)
K/DP/06/04-04 — De kandidaat kan voor verschillende doeleinden technologische hulpmiddelen selecteren
K/DP/06/04-05 — De kandidaat kan het doel, de functie en het gebruik van technologische hulpmiddelen benoemen
K/DP/06/04-06 — De kandidaat kan de gebruiksmogelijkheden, voor- en nadelen (risico's) benoemen van het gebruik van technologische hulpmiddelen |
Ik kan doel, functie en gebruik van technologische hulpmiddelen benoemen.
Ik kan de voor- en nadelen benoemen van deze technologische hulpmiddelen. |
Technologisch hulpmiddel |
|
Doen: Veilige techniek |
K/DP/06/04-04 — De kandidaat kan voor verschillende doeleinden technologische hulpmiddelen selecteren
K/DP/06/04-05 — De kandidaat kan het doel, de functie en het gebruik van technologische hulpmiddelen benoemen
K/DP/06/04-06 — De kandidaat kan de gebruiksmogelijkheden, voor- en nadelen (risico's) benoemen van het gebruik van technologische hulpmiddelen |
Ik weet wat nodig is om een huis veiliger te maken.
Ik kan doel en functie van de verschillende technologische hulpmiddelen benoemen.
Ik kan voor verschillende doeleinden (brand- en inbraakveiligheid) technologische hulpmiddelen selecteren. |
Technologisch hulpmiddel |
|
Maken: Vingerafdruk |
||||
Doen: Huisinspectie |
K/DP/06/04-07 — De kandidaat kan de eigen woning beoordelen op inbraakgevoeligheid
K/DP/06/04-08 — De kandidaat kan in een rapport een advies geven over inbraakbeveiliging van de eigen woning |
Ik kan een woning beoordelen op brandveiligheid.
Ik kan in een rapport advies geven over verbetering van brandbeveiliging van een woning.
Ik kan een woning beoordelen op inbraakgevoeligheid.
Ik kan in een rapport advies geven over verbetering van inbraakbeveiliging van een woning. |
Feit |
|
D. Evenement | ||||
1. Fouilleren en visiteren |
K/DP/06/05-04 — De kandidaat kan servicegericht toegang verlenen aan bezoekers
K/DP/06/05-06 — De kandidaat kan een garderobe inrichten en garderobewerkzaamheden verrichten |
Ik kan het verschil tussen fouilleren en visiteren beschrijven.
Ik kan volgens protocol een tas visiteren.
Ik kan de stappen van het fouilleren uitleggen en toepassen.
Ik kan een garderobe inrichten en weet welke garderobewerkzaamheden er kunnen voorkomen. |
Visiteren |
|
2. Evenement organiseren |
K/DP/06/03-01 — De kandidaat kan gastvrij, vriendelijk en klantgericht bezoekers ontvangen en de weg wijzen
K/DP/06/05-01 — De kandidaat kan de taken van een evenementenregelaar herkennen en benoemen
K/DP/06/05-02 — De kandidaat kan een veilige situatie creëren voor zichzelf en voor bezoekers van een schoolplein
K/DP/06/05-05 — De kandidaat kan de toegangskaarten controleren en bezoekers verwijzen |
Ik kan servicegericht toegang verlenen aan bezoekers van een evenement.
Ik kan de taken van een verkeersregelaar bij evenementen herkennen en benoemen.
Ik kan een veilige situatie creëren voor mezelf en voor bezoekers van een schoolplein.
Ik kan een uitnodiging en/of toegangskaart maken met correcte informatie. |
Particuliere beveiliging
Politie
Handhaving en toezicht
Defensie |
|
3. Draaiboek evenement |
K/DP/06/03-01 — De kandidaat kan gastvrij, vriendelijk en klantgericht bezoekers ontvangen en de weg wijzen
K/DP/06/03-02 — De kandidaat kan toezicht houden (observeren, signaleren) |
Ik kan uitleggen wat een draaiboek is.
Ik kan meerdere onderdelen van een draaiboek beschrijven.
Ik weet wat mijn taak is bij het evenement dat we gaan organiseren. |
FVT
BOA
Portofoon
Mening
Politie
Defensie |
Evalueren |
Denken: Over uniformen |
Portofoon
Mening
Politie
Gedragscode
Defensie |
|||
Maken: Beroepenpresentatie |
Particuliere beveiliging
Politie
Handhaving en toezicht
Defensie |
|||
Doen: Verkeer regelen |
K/DP/06/05-03 — De kandidaat kan fietsverkeer conform de afspraken binnen de school in goede banen leiden |
Ik kan het fietsverkeer volgens de afspraken binnen de school in goede banen leiden. |
||
Extra | ||||
LOB: Geüniformeerde dienstverlening en veiligheid |
Particuliere beveiliging
BOA
Feit
Politie
Defensie
Rang |
|||